Philip Gilson laste onlangs een wedstrijdperiode in op training: vier weken lang werd er elke vrijdag een wedstrijd gesimuleerd. Manon Depuydt/ACME en Margo Van Puyvelde/ASVO lieten straffe tijden optekenen.

Zijn coronarelaas begint Philip met een mindere noot. "Als we buiten trainden in kleine groepjes, perfect volgens de richtlijnen, kregen we altijd boze reacties. Veel oudere mensen reageerden ronduit agressief als ze ons zagen trainen, sommigen sloegen zelfs onze drankflessen weg met hun wandelstok."

Geen leuke ervaring, gelukkig zat de stemming op training wel goed. Manon en Margo mochten als olympische toppers in de Gentse Topsporthal trainen, en dus kon er een behoorlijk normaal programma worden afgewerkt. "Er was tijd voor een inhaalbeweging op sommige vlakken. De atleten hebben deze periode zonder druk van wedstrijden ook positief ervaren. Als er competitie in zicht is, ben je altijd bezig met in het juiste ritme geraken, nu was er tijd voor andere dingen. We hebben vooral aan de startpositie en de eerste versnelling gewerkt."

Eind mei volgde het wedstrijdblokje met vier simulaties, telkens op vrijdag. "De atleten liepen alleen of met twee, en toch zijn er hele goeie tijden gelopen. De beleving is niet hetzelfde, maar het lukte eigenlijk wel. We begonnen met een 300 meter en daar zijn zowel bij Manon als Margo records gesneuveld. Manon heeft in de weken nadien nog een 100 en 200 meter van heel hoog niveau gelopen." Wat is precies de reden dat Philip zo graag wedstrijdsimulaties wilde inlassen? "Een topsporter kan geen jaar verliezen of louter submaximaal lopen. Je moet de maximale snelheid aanraken om progressie te maken. Anders komt het bijna overeen met een jaar aan de kant staan."

Atleten uit de groep van Philip die niet over dezelfde trainingsfaciliteiten beschikten als Manon en Margo, deden het minder tijdens de testen. "Nenah De Coninck en Alexander Doom bijvoorbeeld moesten alleen trainen en in het park. Dat is niet ideaal. Je merkt dat ze minder ver staan met hun vorm."

Na het wedstrijdblok volgde een week rust. Daarna start de opbouw richting het korte zomerseizoen. "We doen vier weken specifieke wedstrijdvoorbereiding in de hoop op het BK en andere mooie meetings. Vanaf 6 juli gaan we zelfs tien dagen op stage, naar Papendal. Het zal goed zijn voor de motivatie, want van de Nederlandse toppers kunnen we heel wat opsteken. Ook de trainers onderling, trouwens. We hebben tijdens de lockdown al verschillende keren online overlegd met enkele Belgische en Nederlandse collega's en hebben besloten dat we dat ook na de coronacrisis moeten doortrekken."

Tot slot: zal het korte zomerseizoen nog records opleveren? "Er zijn al PR's gelopen tijdens de simulaties, dus er komen mooie chrono's aan. Het is hopen op goeie omstandigheden. Ik hoop op een bevestiging van de mooie trainingsarbeid, al komt het BK misschien iets te vroeg om al aan records te denken. Voor sommige atleten wordt dat pas de eerste wedstrijd."

Auteur: Milan AUGUSTIJNS
Publicatiedatum: 20/06/2020
Locatie: Brussel