18/02

Covoorzitters Belgian Athletics geven duiding bij selectiecriteria internationale kampioenschappen

patrick-hor

Patrick Van Caelenberghe is samen met Jessica Mahon covoorzitter van Belgian Athletics.

Er kwamen de voorbije weken nogal wat vragen over de selectiecriteria van Belgian Athletics voor internationale kampioenschappen. De covoorzitters van Belgian Athletics, Patrick Van Caelenberghe en Jessica Mahon geven daarom hier meer uitleg over de manier waarop de internationale criteria berekend worden.

Graag wensen wij als covoorzitters van Belgian Athletics enige verduidelijking te geven bij de open brief/schrijven die wij mochten ontvangen. We betreuren dat de opgestelde criteria zoveel stof doen opwaaien in een periode waarin onze geliefde sport reeds door een moeilijke tijd gaat.

Het opstellen van selectiecriteria is werk dat door een grote groep mensen wordt opgepakt. Daarbij wordt vooreerst bepaald aan welke kampioenschappen zal worden deelgenomen, welke kampioenschappen relevant zijn in de carrière van (jonge) atleten en aansluitend worden studies uitgevoerd naar verschillende mogelijke limieten die gebruikt kunnen worden, teneinde binnen de selectiecommissie een goede keuze te kunnen maken.

Zo wordt eerst gekeken naar de door European Athletics of World Athletics gepubliceerde internationale criteria en bepalingen om deel te kunnen nemen aan internationale kampioenschappen. Aansluitend gebruiken we de toplists van World Athletics van de afgelopen twee jaar (2024 en 2025) om per discipline het criterium te bepalen. We vertrekken uiteraard van een uitgezuiverde ranglijst, met twee of drie atleten per land, afhankelijk van het kampioenschap en de voorgeschreven regels van European Athletics en World Athletics.

Binnen de selectiecommissie wordt per kampioenschap bekeken waar de lat zal worden gelegd in die gemiddelde toplist over de twee jaren heen. Voor het ene kampioenschap betreft dat een top 8 (Rieti), bij een ander kampioenschap een top 16 (Eugene) of top 20/24, waarbij de relevantie van het kampioenschap wordt meegenomen. Zo zien we uit statistische studies dat de relevantie van een EK U18 slechts zeer beperkt is. Atleten die daar presteren hebben een kleinere kans om door te groeien naar de wereldtop bij de senioren in vergelijking met atleten die een top 8 halen op een EK U23.

Gezien de financiële situatie van Belgian Athletics zijn ook dit zaken die wij niet zomaar naast ons neer kunnen leggen. Dat zijn harde keuzes die wij als beleid moeten maken om ook in de toekomst in staat te zijn atleten uit te sturen naar internationale kampioenschappen.

Uiteraard wensen wij extra middelen te zoeken, bijvoorbeeld bij sponsoren. Grote sponsoren voor federaties liggen echter niet voor het rapen. Atleten zelf (een deel van) de kosten laten dragen is hierbij ook ter sprake gekomen. Als Belgian Athletics willen wij echter van atletiek geen elitaire sport maken waarbij enkel de rijken in staat zijn deel te nemen aan internationale kampioenschappen en minder bedeelden geen mogelijkheden hebben. Ook dit is een harde keuze die wij als Raad van Bestuur in eer en geweten hebben genomen.

Wij willen deze strategie in de toekomst bespreken met de atletencommissie, zodat er meer transparantie is naar de atleten over hoe wij tot bepaalde limieten komen. Indien daar goede voorstellen uit voortkomen voor de toekomst, staan wij daar zeker voor open.

Met deze brief hopen wij meer duidelijkheid te brengen in de manier waarop de internationale criteria worden berekend en hopen wij tegemoet te komen aan de vraag om uitleg. Wij zijn steeds bereikbaar op de vele nationale en regionale kampioenschappen om hierover verder in dialoog te gaan.

Met de meeste hoogachting,

Jessica Mayon, 
Patrick Van Caelenberghe 
Covoorzitters Belgian Athletics

 

ba