In het Amerikaanse Flagstaff trainde Pieter Claus in april, in het gezelschap van trainingsmaatje Lander Tijtgat, voor het eerst drie weken op hoogte. De specialist van de 1.500 meter heeft het gevoel dat zijn lichaam uitstekend reageert op die hoogte.

Met hoogtetraining is het altijd wat afwachten. Niet elke atleet reageert er goed op, en al zeker niet elke atleet is even snel geacclimatiseerd. Maar Pieter Claus/EA mocht niet klagen over zijn allereerste hoogtestage. “Je kan zo veel op de planning zetten als je wilt, maar je weet niet hoe je op de hoogte zal reageren. Gelukkig is het bij mij heel goed geweest”, zegt Pieter, ondertussen twee weken terug in het land. “Ik had me zo goed mogelijk voorbereid en had voor afreis twee weken een hoogtetent gehuurd. Anders zou ik op stage minstens een week verliezen aan gewenning. Het bleek de juiste aanpak, want ik had maar een paar dagen aanpassing nodig.”

De stage in Flagstaff werd op die manier een voltreffer. “Het is leuk als je elke training zoals gepland kan afwerken. Het plan was om daar aan de basis te werken en pas thuis aan het specifieke werk te beginnen. We gingen maar één keer per week naar de piste in Sedona. Het is een heel andere aanpak dan ik gewoon ben, want normaal begin ik veel vroeger op het seizoen aan de specifieke prikkels. Ik moet zeggen dat ik er mij tot nu toe heel goed bij voel.”

Bij thuiskomst was Pieter nog even erg vermoeid. “De eerste week was het wat zoeken. De reis heeft nog even in de kleren gezeten. We waren om 5 uur opgestaan en kwamen door het tijdsverschil om 9 uur aan zonder echt een nacht te hebben gehad.” Toch waagde hij zich drie dagen na thuiskomst al aan een 800 meter in Oordegem, die hij afrondde in 1’50”86. “Dat was een goeie prikkel, iets helemaal anders dan wat ik op stage heb getraind.”

Ondertussen begint de vorm te komen. “Soms heb ik na een stage het gevoel dat ik een beetje over mijn grens ben gegaan, maar dat is nu helemaal niet het geval”, klinkt het. Komende zondag loopt Pieter in de hoogste interclubafdeling in Nijvel de 800m en de 4x400m, de week nadien volgt op de IFAM de 1.500m. “Het is de eerste grote afspraak, en ik denk dat ik al hard kan gaan. Het zal nog niet mijn snelste koers van het seizoen worden, maar hoewel ik later dan ooit aan de specifieke trainingen ben begonnen, gaan die nu al een heel stuk beter dan vorig jaar in deze periode.”

Wat is eigenlijk het doel dit seizoen? “Mijn tijden verbeteren”, luidt het simpele antwoord. Dat betekent sneller dan 1’47”17 over 800m en 3’38”71 over 1.500m. “De WK-limiet van 3’36”00 is héél hard. Een klein beetje denk ik er wel aan, maar het zou ongepast zijn om te zeggen dat ik daar een doel van maak.” 

Auteur: Milan AUGUSTIJNS
Publicatiedatum: 13/05/2019
Locatie: Brussel